EN OPEENS WAS GRIEKENLAND GEOPOLITIEK

En opeens was Griekenland geopolitiek

Introductie

Een aantal jaren geleden verschenen berichten in de krant dat de Chinezen grote delen van de haven van Piraeus hadden opgekocht. Och ja, moet kunnen, niet waar? Ze zijn over de hele wereld bezig, en dit is geen directe bedreiging voor Europa.

Een aantal weken geleden kwam Syriza aan de macht in Griekenland. Dat was wel even schrikken – een bonte verzameling van voormalige Marxisten, Trotskisten en anarchisten. Toen de kersverse premier Tsipras al snel benadrukte dat hij ongelukkig was met de economische boycot van Rusland door de EU, ontstond er schrik. Plotseling werd duidelijk dat een arm en uitgestoten Griekenland een gemakkelijke prooi zou kunnen zijn voor Rusland.

In de eerste ronde van onderhandelingen tussen het nieuwe Griekenland en de eurozone was het duidelijk dat dat de Grieken niet helemaal met lege handen teruggestuurd konden worden. Tsipras moest zijn volk resultaat kunnen tonen. De komende maanden zullen een voortdurend touwtrekken laten zien, waarbij beide partijen er belang bij hebben om zo intransparant mogelijk te zijn.

In dit gevecht spelen drie mechanismen een rol. In de eerste plaats, is er een economisch mechanisme. De euro zone functioneert niet goed, en daarbij is Griekenland de zwakste schakel. Wie moet nu welke maatregelen nemen, om beide economieeën weer te laten floreren? In de tweede plaats, is er een sociologisch mechanisme. Onder leiding van Duitsland en Nederland heeft de euro zone de Grieken weten neer te zetten als een ongedisciplineerde groep, die een bedreiging vormt voor het functioneren van de euro zone. De Trojka heeft hier van harte aan meegewerkt. De huidige Griekse regering beschouwt haar land echter als een zondebok, die moet worden gestraft voor haar slechte financiële prestaties. In de derde plaats, is er een psychologisch mechanisme. De door beide partijen gehanteerde economische en sociale analyses zijn, zoals altijd, gebaseerd op een aantal axioma’s. Afhankelijk van de situatie zijn bepaalde axioma’s wel, en andere niet zo realistisch. Beide partijen hebben er groot belang bij om de beperkingen van de eigen benadering niet te zien – dat zou het zelfrespect enorm aantasten (Keizer, 2015; Stiglitz, 2013). De wijze waarop mensen geneigd zijn naar hun werkelijkheid te kijken, is een uiterst kwetsbaar goed, en dient ten allen tijde beschermd te worden tegen falsifiëring.

In de volgense secties gaan we in op de drie genoemde aanpassingsmechanismen. We laten steeds zien welke verschillen in visie er zijn tussen de Trojka en de huidige Griekse regering.

Het economische aanpassingsmechanisme

De Trojka is van mening dat elk land van wie de economie onevenwichtig is, zich moeten aanpassen aan de eisen die een vrije markteconomie stelt. Om de concurrentiepositie te verbeteren, zal de overheid sterk moeten bezuinigen, zullen de lonen en de prijzen moeten dalen, en moeten markten worden gedereguleerd. Na verloop van tijd zal, mede door een stijging van de export, de economie zich gaan herstellen. In tijden van crisis, zoals nu het geval is, moet iedereen de broekriem aanhalen; zeker ook de Grieken!

De Griekse regering heeft echter een heel ander verhaal. De euro zone bevindt zich in een crisis, doordat de Westerse financiële wereld in 2008 ineenstortte, en vele overheden moesten ingrijpen. Griekse banken waren relatief stabiel, maar werden meegezogen door de daarop volgende depressie. Terwijl China en Amerika deze (Keynesiaanse) situatie tegemoet traden door de effectieve vraag naar goederen flink te verhogen, bleef de EU achter – bezuinigen op de overheidsuitgaven was en is het parool. De Griekse economie stond er aan het begin van de Westerse ellende niet goed voor. Haar concurrentiepositie werd als de slechtste van de euro zone beoordeeld. Toen de depressie begon, leidde dit tot een massale uittocht van kapitaal en tot een grote onwil van de ‘kapitaalmarkten’ om de Griekse overheid nog geld te lenen. Deze internationale kapitaalmarkten lijken op concurrerende markten, maar dat zijn ze niet. Ze worden geleid door een elite, die, door dezelfde bril kijkend als de Trojka, Griekenland beschouwt als een onwillige hond, die een tik moest hebben. Landen als Duitsland en Nederland werden voor hun beleid beloont met een zeer lage interestvoet; de Grieken werden gestraft met een prohibitief hoge interestvoet.

Volgens de nieuwe Griekse regering heeft de Trojka een verkeerde bril op. Ze benaderen de economische problemen van de euro zone, waaronder Griekenland, op een micro-economische wijze, terwijl de problematiek een macro-karakter heeft. Als ieder land probeert zijn concurrentiekracht te versterken door lonen- en prijzenoorlogen te beginnen, zal de crisis verergeren. Degenen die het sterkst bezuinigen en de prijzen en lonen laten dalen, winnen van degenen die dat minder doen – maar ze winnen in een steeds kleiner wordende markt. De bezuinigers zien hun problemen (relatief) minder groter worden, en zijn daar trots op: ‘zie je wel, wij doen het beter’. Ondertussen hebben ze het macro-probleem verergerd. Om uit dit dilemma te komen, zullen alle eurozone landen hun overheidsinvesteringen moeten verhogen en daarover helder met de bevolking moeten communiceren. Daarnaast zal elk land zijn eigen specifieke micro-problemen moeten aanpakken. Voor de Grieken is dat het functioneren van de belastingdienst en van de instituties met betrekking tot de arbedsverhoudingen.

Het sociologische mechanisme

De Trojka bepaalt in hoge mate hoe mensen in de Westerse wereld geacht worden hun economische situatie te interpreteren. Er zijn nauwe relaties tussen de experts, die daar het beleid formuleren, en machtige instituties daarbuiten, zoals de Anglo-saksische financiële wereld, de rijke en prestigieuze denktanks en universiteiten, en politici die zich willen rekenen tot de groep mensen die er toe doen. Deze mensen ontmoeten elkaar regelmatig op belangrijke bijeenkomsten, waarvoor ze elkaar uitnodigen. Op deze wijze is er een mondiale economische cultuur gevormd, die een buitengewoon grote invloed uitoefent op het economische denken van mensen (Rickards, 2014; Rothkopf, 2008). De denkwijze van de macht kan als neoliberaal worden gekenschetst. Vrije en concurrerende markten vormen het coördinatie-mechanisme bij uitstek om welvaart te genereren en te verdelen.

Buiten de neoliberale netwerken bevinden zich tal van andere netwerken. Deze zijn echter veel kleiner en armer, en hebben daardoor veel minder invoed. Als een bepaalde economie in problemen is geraakt en financieel geholpen moet worden, zal aan neoliberale voorwaarden moeten worden voldaan. Indien het land in moeilijkheden een ander verhaal heeft over zichzelf, dan zullen de politici van dat land duidelijk gemaakt moeten worden dat ze zich moeten aanpassen. Zo niet, dan worden ze uit de neoliberale gemeenschap gezet. Alleen economische argumenten, die in het neoliberale denkraam passen, worden als geldig gezien. Wie een andere benadering voorstaat – vaak al aan het taalgebruik te horen – plaatst zich buiten ‘de realiteit’.

En toen was er ineens geopolitiek. Een andere macht vertoonde zich aan de horizon: Rusland. Precies dat land waar de EU al een groot probleem mee heeft. Het Griekse pleidooi om de economische sancties tegen Rusland niet uit te breiden, maar eerder te reduceren, veranderde het beeld van de arena. Nu moet de Trojka wel iets toegeven, zodat de Griekse politici hun bevolking resultaten kunnen laten zien. De Grieken moeten nu opeens denken: die Anglo-saksische macht is zo erg nog niet. We zullen nu een uiterst intransparante periode tegemoet gaan, waarin het hulpbeleid zich aanpast aan de nieuwe machtsverhoudingen.

Er blijft nog één belangrijke vraag over. Waarom is het niet mogelijk om met de neoliberale machthebbers te spreken over de vraag welk economische beleid is gebaseerd op de meest realistische uitgangspunten? In de volgende sectie zullen we deze vraag beantwoorden.

Het psychologische mechanisme

De Grieken zijn er van overtuigd dat hun plannen ter herstel van hun economie realistischer zijn dan die van de Trojka. Het resultaat van het voortdurende machtsspel is een groeiend moreel resentiment onder de Griekse bevolking. Aan de andere kant zien we dat het moreel resentiment ook groeit onder bevolking van de overige euro-landen: ‘wij moeten allemaal de broekriem aanhalen’.

Op deze manier levert iedere onderhandelingsronde weer stof voor wederzijdse irritatie. Geen van de partijen is bereid om het eigen raamwerk van interpretatie ter discussie te stellen; niet in de onderhandelingen, maar zelfs niet in de eigen hoofden. Regelmatige reflectie vindt nergens plaats, zeker ook niet in de media. De menselijke geest is zo gestructureerd, dat ongewenste informatie wordt genegeerd, en informatie die een bevestiging inhoudt van de ingenomen positie van harte welkom is in het bewuste deel van de geest (Camerer et al., 2007; Kahneman, 2013). Zoals wetenschappers altijd hun paradigma beschermen (Lakatos, 1970) – door het veelal niet eens te benoemen – beschermen mensen in het algemeen hun zelf tegen zware kritiek. Verlies van zelf-respect is het ergste wat een mens kan overkomen.

Het begin van een oplossing zou het volgende kunnen zijn: zoek in Europa naar economen, die een echte wetenschappelijke opleiding hebben gevolgd, waarin tal van perspectieven grondig worden bestudeerd. Deze mensen moeten in staat zijn om vele stromingen methodologisch te analyseren. Hierdoor gaan ze andersdenkenden beter begrijpen. Bovendien zijn ze zelf minder gebonden aan een enkele interpretatie, waardoor ze in iedere situatie kunnen afwegen welke aanpak de beste is. In sommige situaties is de neoklassieke benadering de beste; in andere situaties lijken de ideeën van Keynes actueler. In sommige benaderingen speelt de toenemende ongelijkheid een grote rol. De Griekse samenleving wordt al heel lang verscheurd door sociale conflicten. In de sociale economie en in de economische sociologie spelen dergelijke conflicten een centrale rol. Voor economen lijkt het toch nuttig om eens kennis te maken met dit soort benaderingen.

Tot Slot

Aan de Westerse Economische Faculteiten is de situatie bedroevend. Het pluralisme is verdwenen. Er wordt weinig of geen aandacht besteed aan de theoretische structuur, zodat de student geen goed inzicht krijgt in de reikwijdte van de analyse. Het gevaar is dan dat de theorie die gedoceerd wordt, op alle problemen wordt toegepast, zonder dat de vraag wordt gesteld of the axioma’s wel realistisch zijn.

Om in de toekomst beter te kunnen opereren in een mondiale context, is het van groot belang om studenten methodologischer en pluralistischer op te leiden. Dit maakt het mogelijk voor wetenschappers om het eigen belang klein te houden – men kan immers gemakkelijker overstappen van het ene naar het andere paradigma. Het maakt wetenschap redelijker en waardevoller in z’n bijdrage aan de maatschappij.

Literatuur

Camerer et al. (2007), Neuroeconomics:How Neuroscience Can Inform Economics, in Maital, S. et al.(eds.), Recent Developments in Behavioural Economics, The International Library of Critical Writings in Economics Series,Cheltenham: Edward Elgar.

Kahneman, D. (2013), Thinking Fast and Slow, London: Penguin Books.

Keizer, P. (2015), Multidisciplinary Economics, A Methodological Account, Oxford: Oxford University Press (forthcoming).

Lakatos, I. (1970), Falsification and the Methodology of Scientific Research Programmes. In Lakatos, I., R.A. Musgrave (eds.), Criticism and the Growth of Knowledge, Cambridge: Cambridge University Press.

Rickards, J. (2014), The Death of Money, The Coming Collapse of the International Monetary System, London: Portfolio Penguin.

Rothkopf, D. (2008), Superclass, The Global Power Elite and the World They Are Making, London: Macmillan Publishers.

Stiglitz, J. (2013), The Price of Inequality, London: Penguin Books.

 

Dr. Piet Keizer

Associate Professor of Economic Methodology

Utrecht University School of Economics

26-02-2015

Aantal woorden: 1793

 

 

Advertisements
This entry was posted in Artikelen and tagged , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s